Economische betrekkingen

Duitsland is al vele jaren lang de belangrijkste exportmarkt voor Vlaanderen. In het jaar 2015 ging ca.17% van de totale Vlaamse export naar Duitsland. Het totale exportvolume bedroeg  bijgevolg in zijn geheel bijna 50,6 miljard Euro, met een stijging van 2,6% in vergelijking met het voorjaar. Rond 82,5% van de Belgische export komt uit Vlaanderen. Duitsland is de belangrijkste afnemer van Vlaamse producten en is naast Nederland de tweede belangrijkste leverancier voor Vlaanderen. In 2015 importeerde Vlaanderen Duitse goederen ter waarde van ca. 35 miljard Euro.

Dit zijn indrukwekkende cijfers. De Duitse economie beleeft de sterkste groei sinds de Duitse hereniging en heeft als Europees conjunctuurlocomotief ook een positieve invloed op de bilaterale handel met Vlaanderen. Sinds de jaren ´50 werden bovendien van beide kanten in grote mate directe investeringen gedaan die tot een bijzonder nauwe economische verbinding hebben bijgedragen.

Binnen Duitsland is Noordrijn-Westfalen onze belangrijkste handelspartner. NRW is niet alleen het dichtsbijzijnde bondsland, maar met zijn 18 miljoen inwoners ook het grootste Duitse bondsland.

De chemische industrie maaktmet bijna een derde, het grootste deel uit van de totale Vlaamse export naar Duitsland. Maar ook de auto-industrie, de brandstoffensector, machines, de MedTech-industrie en de technologieën voor hernieuwbare energie worden in grote mate naar Duitsland uitgevoerd.

Vlaamse bedrijven in Duitsland

Uit de hierboven genoemde cijfers blijkt dat de uitwisseling van goederen en diensten tussen Vlaanderen en Duitsland van groot belang is voor onze economie. De economische betrekkingen zijn echter niet enkel beperkt tot de handel. Beide partijen doen ook aanmerkelijke investeringen.

Zo zijn er verschillende Vlaamse bedrijven met een dochteronderneming in Duitsland. Sommige namen zijn waarschijnlijk bekend. De multinational Agfa-Gevaert onderhoudt traditiegetrouw nauwe banden met Duitsland. Gevaert, een Vlaamse producent van o.a. fotografisch materiaal, smolt in 1964 samen met haar Duitse concurrent Agfa, dat in handen was van Bayer. Agfa-Gevaert kwam voor 50 % in het bezit van de holding Gevaert en voor 50 % van Bayer.  De posities wisselden echter toen de Duitse chemiereus Bayer zijn Agfa-aandelen verkocht. Vlaamse investeerders benutten deze kans om deze in Gevaert te investeren. Vandaag de dag heeft het internationaal vertakte Agfa-Gevaert N.V. haar zetel in Mortsel (Antwerpen).

Een ander voorbeeld is InBev Duitsland. Met een bestuurszetel in Bremen behoort de Duitse dochteronderneming tot het internationaal leidende brouwerijconcern Anheuser-Busch InBev, dat in 2008 ontstond door de fusie van het Leuvense InBev met Anheuser-Busch. Met een verkoop van negen miljoen hecotliters bier is InBev Duitsland het op een na grootste brouwerijconcern in Duitsland. Het bedrijf stelt op dit moment rond de 3.000 medewerkers te werk en is zowel geografisch als op vlak van sortiment in alle segmenten van de Duitse biermarkt vertegenwoordigd.

Ook het Vlaamse software bedrijf Arinso heeft eind 2002 een Duitse firma uit dezelfde branche, IT2 Information Systems, overgenomen en werd zo in Duitsland een van de belangrijkste ondernemingen in deze sector. Het Vlaamse mediabedrijf Studio 100 heeft in het jaar 2008 dan weer het Entertainmentsegment van EM.Sport Media gekocht. Met deze overname verkreeg Studio 100 o.a. de leiding over de Kinderkanal Junior TV in Duitsland. Ook richtte het Studio 100 Film op met hoofdzetel in München. Deze dochteronderneming richt zich op de internationale distributie van animatiefilms.

Duitse bedrijven in Vlaanderen

Vlaanderen is leider op vlak van het aantal directe Duitse investeringen. Volgens fDi Markets werden tussen 2003 en 2010 83 projecten gerealiseerd, wat betekent dat 60 % van alle Duitse investeringsprojecten in België in Vlaanderen werden uitgevoerd. Tijdens deze periode lag de focus van de investeringen vooral op de chemische industrie en de auto-industrie in Antwerpen resp. Brussel.

Binnen Vlaanderen gaan de meeste investeringsprojecten naar Antwerpen. Vooral in de haven van Antwerpen bestaat er een grote concentratie van belangrijke Duitse petrochemische bedrijven zoals BASF, Bayer, Lanxess en Degussa. Zij droegen bij tot het feit dat  Antwerpen na Houston (USA) tot het wereldwijd tweede grootste centrum voor de petrochemische industrie heeft ontwikkeld. Bovendien hebben enkele van deze bedrijven recentelijk omvangrijke uitbreidingsinvesteringen gedaan. Daarenboven is Antwerpen voor Duitsland een belangrijke import – en exporthaven.

Een lange traditie op vlak van de auto-productie zorgt ook vandaag de dag nog voor aanhoudende investeringen door internationale autoproducenten. Naast belangrijke productieplekken in Vlaanderen en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, werken ook Duitse en Vlaamse leveranciers nauw samen. Een derde van de Duitse investeringen in Vlaanderen wordt gedaan op gebied van fabricatie. De sluiting van de traditierijke Opel-fabriek (Antwerpen) eind 2010 was een pijnlijke gebeurtenis. In 2011 willen echter alle resterende autofabrikanten hun productie verhogen. Ook van Audi was er in 2010 positief nieuws: de nieuwe Audi A1 zal exclusief in Brussel worden gebouwd.

Grote Duitse bedrijven zijn hiernaast ook vertegenwoordigd in de Vlaamse transportsector, de verzekeringsbranche en de suikerindustrie (bv. na de overname van de suikerfabriek in Tienen door Süudzucker in de jaren 80). Daarenboven is Duitsland een actieve investeerder op vlak van hernieuwbare energie. Grote energieleveranciers zoals RWE en E.ON, maar ook kleine producenten van zonnepanelen en – componenten, zijn vertegenwoordigd met distributiekantoren in Vlaanderen of actief in Offshore-projecten in de Noordzee.

Een ander hoogtepunt binnen de economische samenwerking tussen Vlaanderen en Duitsland zijn de gemeenschappelijke interesses en projecten op vlak van onderzoek en ontwikkeling. BASF is naast Siemens één van de belangrijkste investeerders in Vlaanderen op vlak van onderzoek en ontwikkeling. Ook kleinere bedrijven profiteren van deze gunstige onderzoeksomgeving. Cenix BioScience uit Dresden breidde bijvoorbeeld begin 2011 zijn R&D-activiteiten uit met een nieuw onderzoekscentrum in Vlaanderen.

De Duitse economie is vandaag de dag met een groot aantal bedrijfsvestigingen in Vlaanderen vertegenwoordigd. Hiernaast verdedigen talrijke Duitse bedrijven en organisaties hun belangen bij de EU via vertegenwoordigingen in Brussel. Duitse bedrijven in België stellen ongeveer 70.000 personen te werk.